Het zijn mooie tijden voor mij, een krediet-, een financiële en misschien wel een globale economische crisis. Veel aandacht, veel publiciteit en veel halve en hele deskundig- en waarheden. Een mooie kans voor mij om iets van economie te leren, zowel van de harde kant – cijfers – als van de zachte kant – beeldvorming. Want echt verstand heb ik er niet van maar ik kan wel logisch nadenken. En mijn verontwaardiging over die zakkenvullers en in hun toezicht tekortschietende overheden is niet zo groot dat ik niet wil proberen te ontdekken hoe het nou allemaal werkt. Hoe zijn die economische wetten nou, waardoor je een beetje kan snappen waarom dat gebeurt wat er plaatsvindt?
ENRON
ENRON was die Amerikaanse energieleverancier die eind jaren negentig als één van de succesvolste bedrijven ter wereld gold om al snel in dit millennium begraven te wordenmet het woord schandaal op de grafzerk. De topbestuurders in de gevangenis, het in naam verdwijnen van hun huisaccountant – Andersen -, de belangrijke Sarbanes-Oxley wet over corporate governance (zie wikipedia voor uitleg) en onze eigen code Tabaksblat als gevolg. Ik heb eens uitleg gekregen wat voor foute dingen die Enronners nu eigenlijk gedaan hebben die onvoldoende werden gecontroleerd en kwam tot de conclusie dat die daden nog niet eens zo crimineel lijken en toch mafia-like uitpakken. Het mechanisme heet business-to-market en wijkt niet fundamenteel af van de manier waarop Damian Hurst zijn eigen werk veilt en daar behoorlijk aan verdient.
Marktwaarde
Bij het opmaken van de balans aan het einde van een bedrijfsjaar wordt naast een winst- en verliesrekening ook een echte schatting van de balanswaarde van een bedrijf gemaakt. Die waarde wordt bepaald door eigen kapitaal, bezittingen, productiemiddelen (assets: dat kunnen ook mensen zijn of –wetenschappelijke- kennis),maar ook door de grootte van de orderportefeuille. Dat is logisch want investeren gaat voor de baet uit en je mag er op rekenen dat de verwachte winst ook wordt gemaakt. Nu hebben in de zakenwereld producten niet alleen een eigen, intrinsieke waarde maar ook een marktwaarde. Dat die twee waarden flink kunnen contrasteren, leert bijvoorbeeld de wereldwijde voedselcrisis, maar ook de kunstwereld waarin een schilderij dat waard is wat de gek er voor geeft. Die marktwaarde is de resultante van de verhouding tussen aanbod en vraag. Aanbod is deels te sturen- kijk maar naar de OPEC, de boterberg, visquota, maar vraag ook. Daar is niet perse wat op tegen en het domein van de reclame.
Kapitalisme
In de moderne, kapitalistische economieën heeft ook een bedrijf zelf een marktwaarde waarvan de beursnotering de voornaamste indicator is. Het is aantrekkelijk voor een bedrijf om die marktwaarde te beïnvloeden. Daarom zijn de vooruitzichten van de topbestuurders altijd relatief gunstig, want daarmee stijgt de vraag (van beleggers) en de waarde van het bedrijf. Beleggen met voorkennis is een doodzonde in deze wereld, daarom mag de bestuurder ook niet zelf in aandelen handelen. Maar –zal later blijken- die heeft wel andere methoden.
Bedrog, bedrieger, bedragst
Terug naar ENRON. Die heeft gedurende een aantal jaren het begrip orderportefeuille opgerekt. Dat mag natuurlijk een beetje, je moet je (eerder) gemaakte kosten verantwoorden en dat mag je doen met behulp van verwachte baten. Dus behalve de al geplaatste orders ook de reëel te verwachte opdrachten. Maar het mechanisme is ook al belangrijk vóór de start van de investering en in sommige bedrijfstakken is de tijdsspanne tussen geld uitgeven en verdienen erg groot (bij Fokker –vliegtuigen- was dat wel tien jaar; bij kernfusie naar te verwachten meer dan een halve eeuw). Niet onredelijk dus maar ENRON ging een klein stapje verder. Bij elk project wat ze startten maakten ze een schatting van de verwachte opbrengsten en zetten dat op de balans. Maar een verwachting is een marge en als je consequent in het gunstigste geval noteert dan wek je te hoge winstverwachtingen. Dat heeft van der Hoeven met Ahold ook gedaan volgens de rechter. Een hoge winstverwachting leidt tot een hoge balanswaarde en omdat beleggers dat wel aantrekkelijk vinden – en betrouwbaar want een gerenommeerd accountant heeft het gecontroleerd – stijgt de marktwaarde en de beursnotering. En onze slimme topbestuurder krijgt daarop zijn bonus.
Ik snap nog niet alles
Bedrijven geven aandelen uit om aan startkapitaal te komen, geld om te investeren en later winst mee te boeken. Daarom krijgen aandelenbezitters ook dividend, dat is namelijk een aandeel in de winst, die geboekt is dankzij zijn mee investeren. Dat aandelenbezitters – zeg maar investeerders – met elkaar mogen handelen vind ik nog niet zo gek. Als ik het heb aangedurfd om een innovatieve ondernemer met kapitaal op weg te helpen en het pakt goed uit (veel dividend, veel vraag naar het aandeel dus het stijgt in waarde) mag ik daar best aan verdienen. Misschien steek ik mijn winst wel in andere goede bedrijven (en dat hoeft niet perse in de vorm van aandelen). Wat ik niet snap is dat iedereen maar praat over de beurswaarde van een bedrijf (aantal aandelen*aandeelprijs) alsof het de echte waarde is. Neen het is de marktwaarde (vraag en aanbod op een beurs) van een deel investeringsgeld. Dat is tricky. Dat wordt des te trickier als de producten helemaal niet zelf meer bestaan maar zijn gebaseerd op de marktwaarde van onderliggende producten. Ik bedoel banken. Hun product is liquide geld, gebaseerd op de marktwaarde van echt iets leverende bedrijven (en soms leveren die slechts een dienst met een eigen waarde boven op de samenstellende – echte- delen; vergelijk een reisbureau, voor mijn part een krantenuitgever).
Ongedekte hypotheken
Ik maak het expres ingewikkeld om de volgende vraag te kunnen beantwoorden. Het is gebleken dat de slechte hypotheken die de kredietcrisis veroorzaakten minder dan vijf procent van het aantal huishypotheken betreft en dat slechts alleen in de V.S. Hoe kan dat de oorzaak zijn van een wereldwijde financiële en mogelijk zelfs economische crisis, die veel meer paniek veroorzaakt dan de veel bedreigendere huidige voedselcrisis? Objectief kan dat ook niet (hoezo, Fortis is nog maar 5% van zijn waarde?; het heeft amper echt eigen waarde gehad), maar paniek en complexiteit zijn hier de sleutelwoorden. Vooral complexiteit want de wereldhandel in geld is dermate complex geworden dat niemand het meer snapt. En een betere voedingsbodem voor paniek ken ik niet. De Fanny Mays en Freddie Macs zijn die slechte hypotheken gaan mengen met goede (zullen we die definiëren aan de hand van de werkelijke waarde van een huis en de terugbetaalvaardigheid van de eigenaar?) en dat in pakketten verkocht aan andere banken. En weer verder doorverkocht en ga zo maar door. Dus wat koop je nu eigenlijk voor waarde als je als pensioenfonds (investeert namens de gewone man om een goed pensioen voor hem te verdienen) aandelen neemt in een grote bank? Het is lucht (een goede vergelijking: het lijkt wel niets maar er zit echt zuurstof in – maar hoeveel?) en het lijkt lekker gebakken (over dat lekker bakken zo dadelijk meer). Wat is het verschil nog met een loterij-spelshow op de televisie?
Bonussen, waarom niet?
En dan nu een mening want een verhaal mag (en moet zelfs) een moraal hebben. Ik denk dat complexiteit een van de grondoorzaken is. Die complexiteit is enorm toegenomen in drie richtingen: ruimtelijk (een mondiale economie), in de tijd (pensioen: investeren in een verdienste voor over 40 jaar) en in metaniveau (geldbeurzen zijn minstens quartaire sector). Dat is het luchtaspect. We moeten ingewikkelde zaken weer kleiner maken (ontwikkelen): zorg voor jezelf en biedt anderen de ruimte dat ook te doen.
Het andere aspect heeft met het bakken te maken en de baklucht ruikt naar bonussen. In de huidige bedrijfscultuur en arbeidsmoraal tiert het resultaat gericht belonen welig. Dat is op zich een aantrekkelijke gedachte. Waarom zou je niet verdienen (ook in waardering, liefde en geluk) naar je verdienste (zorg voor je zelf en ruimte en hulp aan anderen)? Daar hoeft voor mij zelfs geen Balkenende-norm aan vast te zitten (voor geluk is zelfs de sky niet de limit) maar dan moeten we het echt ook zo doen.
Nu is vaak de focus gericht op het resultaat en niet op de verdienste en bovendien op de begeerte (op korte termijn) in plaats van op het geluk (op langere termijn). Terug naar de bonus in het bedrijfsleven. Een topbestuurder geef ik liever 2 miljoen aan salaris dan 1 miljoen aan salaris en 1 miljoen aan bonussen indien hij resultaat haalt. Waarom? Een bonus op resultaten lokt namelijk verkeerd gedrag uit. De bestuurder optimaliseert dan namelijk naar korte termijn resultaten in plaats van lange termijn verdienste; erger nog het resultaat zal ten koste gaan van die verdienste. En dat is weer een simpele economische wet, los van ethiek.






